Ik heb mijn geloof in de goede Sint al vroeg verloren op de kleuterschool. Ik had al sterke twijfels over de praktische haalbaarheid van de hele logistieke operatie zoals die ons werd voorgespiegeld. Wij hadden helemaal geen schoorsteen thuis maar het zetten van de schoen met wortel en een bakje water leverde toch een cadeautje op. Ik kreeg al gauw het vermoeden dat mijn ouders een belangrijke schakel was in de gehele opzet en dat de Sint misschien wel een schijnheilige was.
De jonge wetenschapper in mij ging daarom op onderzoek uit. Op de avond dat we weer onze schoen gingen zetten, telde ik eerst de wortels in de zak voordat ik er een exemplaar uithaalde. De volgende ochtend werd ik wederom verblijd met een cadeautje van de goede Sint. Maar toen ik de wortels in de zak ging tellen, kwam ik op precies hetzelfde aantal uit als de avond ervoor. Daarmee was wat mij betreft onomstotelijk bewezen dat Sinterklaas niet bestond en mijn ouders verantwoordelijk waren voor de cadeaus.
Een ander mysterie dat ik eenvoudig had opgehelderd was hoe zwarte Piet op pakjesavond ongemerkt de cadeaus in de gang wist te zetten. Het was de bedoeling dat we een halfuur lang luidkeels Sinterklaasliedjes op de bank zouden zingen totdat er eindelijk hard op de ramen werd gebonsd. Ik vermoede ook hier dat mijn ouders de Piet hier een handje hielp door de voordeur op een kiertje te zetten. Om de proef eens op de som te nemen, deed ik stiekem de voordeur dicht en wachtte af wat er ging gebeuren.
Er werd niet gebonsd op de deur, maar de telefoon ging. Mijn vader nam de telefoon aan en had de buurman aan de lijn. Of hij weer even de deur wilde openzetten, zodat hij de zak met cadeautje in de gang kon zetten. Terwijl ik de vermoorde onschuld speelde zag ik in mijn ooghoek hoe mijn vader quasi nonchalant de telefoon beantwoorde en daarna de gang in ging om heel zachtjes de deur open te zetten. En nog geen vijf minuten later was eindelijk de verlossende bons op de ramen. En al stonden mijn broer en ik in 2 seconden bij het raam, de Piet was alweer in geen velden of wegen te bekennen.
Ik vond mezelf een hele slimmerd doordat ik had bewezen dat er geen Sinterklaas bestond. Toen mijn ouders jaren later voorzichtig informeerde of ik nog geloofde in de Sint, was mijn trotse antwoord: "allang niet meer". En gelijk daarna ontdekte ik wat voor een oen ik was. Want mijn nog bijdehantere moeder zei: "oh, dan kunnen we ook wel stoppen met het geven van cadeaus". Een beetje schaapachtig zei ik dat dat ook weer niet hoefde.
Met mijn geslaagde poging om Sinterklaas te ontmaskeren heb ik het vermogen verloren te geloven dat zomaar een cadeautje in je schoot kan worden. De enige voorwaarde hiervoor is dat je duidelijk hebt verwoord (liefst op een verlangenlijstje) wat je graag zou willen hebben, zonder je af te vragen wie verantwoordelijk is of hoe het geven plaatsvindt. Gewoon vragen en afwachten. Ik moet je eerlijk bekennen dat ik mijn verlangenlijstjes in wezen to-do lijstjes zijn waarbij ik mezelf in de rol van Sinterklaas heb geplaatst. En de items waarbij ik het gevoel heb dat het geven boven mijn macht ligt, halen mijn wensenlijstje vaak niet.
Zo langzamerhand begint mijn vermogen om te vragen wat ik wil, zonder me direct af te vragen waar het vandaan komt, weer terug te komen. En in dat kader past natuurlijk de Durf te Vragen sessies, waarvan ik sinds kort een begeleider ben geworden. Het bijzondere van deze sessies is altijd hoeveel nuttige antwoorden, tips en doorverwijzingen volgen uit de vraag die aan de groep wordt voorgelegd. Niet alleen dat blijkt van waarde, maar tegelijkertijd breid je je netwerk uit met mensen die je zonder schroom kunt aanspreken en te vragen om hulp.
Ik ben ervan overtuigd dat Durf te Vragen een perfecte manier is voor ondernemers om de kracht van een netwerk te ontdekken en te benutten. Niet alleen om dingen aan te vragen, maar omdat het ook leuk is om anderen te helpen. Dus vanaf 2010 zal ik maandelijks een sessie organiseren in mijn kantoor in het WTC gebouw in Rotterdam. De eerstvolgende sessie heb ik gepland op woensdag 13 januari. En voor morgenavond hoop ik natuurlijk dat de Sint je geeft waar je om hebt gevraagd.
En een leuke anekdote over wat Durf te Vragen voor je kan betekenen: vorige week maandag vroeg iemand via Twitter wie bereid was haar spontaan een boek cadeau te doen. In een wat melige bui schreef ik terug dat ik dat wel zou doen. Zo gezegd, zo gedaan. Afgelopen woensdag is het boek bij haar bezorgd en op dezelfde dag ontving ik spontaan twee gratis boeken van een uitgever om te bespreken op mijn blog. En laten dat boeken zijn die ik ook wel had willen kopen. Soms krijg je uit onverwachte hoek het dubbele terug van wat je hebt weggegeven. Dus Durf te Geven én te Vragen. Dan kan de Sint gewoon weer zijn werk doen. En als je nog een boek wil hebben, vraag dan om De wet van Sinterklaas, geschreven door Rob de Best.
PS: kom ook naar de nieuwjaarsboost van Durf te vragen in Seats2Meet in Utrecht op 16 januari 2010

RSS

Reacties